Gouden Regels & Drills

Om structuur te geven aan de instructies en correcties van onze trainers aan deelnemers van de Winterschool, hebben we voor elk onderdeel van onze sport 5 Gouden Regels bepaald. Deze Gouden Regels kunnen trainer/coaches helpen om spelers consequent de juiste motoriek aan te leren. De regels kunnen als "checklist" beschouwd worden voor de basis stappen bij een onderdeel.

LET OP: De Gouden Regels dienen als startpunt voor de juiste beweging, dus ze bevatten niet alle nodige instructies voor het onderdeel. Trainer/coaches worden verwacht zelf aanvullende instructies te geven gebaseerd op eigen inzichten.


ONDERDEEL GOUDEN REGELS DRILLS
Slaan
  1. Tenen recht ten opzichte van de thuisplaat
  2. Heup binnen knieën, knieën binnen tenen 
  3. Schouders recht naar de pitcher
  4. Borst naar voor, heup naar achter
  5. Handen juist aan de knuppel

Bron: Ripken Baseball en Dead Red Hitting

KNBSB Visie op Jeugd: Trainingskaart Blz 46 t/m 63

Pitchen (honkbal)

  1. Heup is leidend
  2. Knie boven riem (balans)
  3. Heel drive
  4. Elleboog gooiarm boven schouder
  5. Voeten in fieldhouding bij het landen (follow through)

Bron: Power Drive | Baseball Pitching 

Pitchen (softbal)
  1. Powerline zoeken; op de rechte lijn vooruit
  2. Superwoman stap vooruit; zo explosief mogelijk met alle onderdelen van je lichaam richting target
  3. Armbeweging achteruit met handpalm die naar achter wijst, arm maakt daarna windmolen beweging
  4. Weerstand op de landende voet
  5. Snap en gooibeweging afmaken

Bron: Power Drive | Softball Pitching 

Catchen
  1. Voeten op schouderbreede, atletisch en stevig zitten
  2. Holle rug
  3. Gooihand beschermen achter voet
  4. Schouders boven voeten
  5. Vangarm ontspannen tot het laatste moment van vangen, met de vingers naar boven
Fielden
  1. Borst wijst naar de grond, op de ballen van de voeten
  2. Handschoen raakt de grond, gooihand boven handschoen (krokodillenbek)
  3. Laat de palm van je handschoen zien en val de bal aan
  4. Field de bal rollend, vóór de stuit (hop) of vlak na de stuit (shot hop)
  5. Dopje van de pet wijst naar voren als de bal in de handschoen komt

KNBSB Visie op Jeugd: Trainingskaart Blz 32 t/m 45

Gooien
  1. De bal met drie vingers vasthouden ("konijnenoortjes")
  2. Handschoen of voorste elleboog wijst naar je doel
  3. Gooiarm gebogen met bal achter je hoofd, elleboog hoger dan shouder
  4. Trek pinkvinger (handschoen) naar je oksel
  5. Slinger je arm langs je hoofd richting je knie

KNBSB Visie op Jeugd: Trainingskaart Blz 3 t/m 31